Uit de Kunst: Kees Spapens

0
706

NUNSPEET – Nunspeet Kunstenaarsdorp, een titel die graag gehanteerd wordt in ons mooie Veluwse dorp. De benaming heeft veel te maken met de schilders die in vroeger jaren actief zijn geweest op de Veluwe en in Nunspeet. Denk aan mannen als George Breitner, Jos Lussenburg, Jan van Vuuren, Jaap Hiddink en meer. Grote namen die Nunspeet op de kaart hebben gezet als kunstenaarsdorp. En terecht zijn zij ook door het Noord-Veluws Museum geëerd met tentoonstellingen, zoals recent de expositie over Jaap Hiddink. Maar ook is het een generatie kunstenaars uit het verleden. 

In deze nieuwe rubriek wil de Veluwse Courant aandacht besteden aan Nunspeetse kunstenaars, in de breedste zin van het woord, die nu actief zijn en het begrip kunstenaarsdorp in leven houden. Wie anders dan beeldhouwer Kees Spapens kan, als 87-jarige nestor, de brug slaan van het verleden naar het heden. Met hem starten we deze nieuwe rubriek.

Geboren in 1933 in Loon op Zand was Kees Spapens al op jonge leeftijd slagwerker in de Brabantse wereld van Harmonieorkesten en schuttersgilden. Als beroepsmilitair kwam hij met zijn gezin naar Nunspeet en werd buurman van Huib Bruynes, de vroegere gemeentebode die betrokken was bij de Harmonie in Nunspeet. Hij tipte Kees om eens een bezoek te brengen aan Jos Lussenburg, ook een groot muziekliefhebber en kenner. Kees Spapens:,,Ik wist niet wie dat was maar moest naar de Bosweg voor een gesprek. Zijn vrouw wees me naar zijn atelier, hij bleek naast de muziek ook schilder te zijn. Ik moest maar eens komen luisteren op een repetitie van de Harmonie.  Ik was gewend op hoog niveau te spelen met de orkesten en vond het tegenvallen. Dus bedankte ik. Maar Jos Lussenburg had gezien dat ik met veel interesse naar zijn schilderwerk had gekeken. (Ik liep vroeger wel eens bij een buurman binnen die schilderde). Jos adviseerde mij om eens naar het ,schooltje’ te gaan (de latere Vrije Academie) om daar te gaan schilderen. Ik moest dan wel, om toegelaten te worden, wat eigen werk meebrengen. Ik had niet eerder geschilderd en flanste maar wat in elkaar en werd door de toenmalige directeur Cor Vrendenberg toegelaten. In die tijd wilde men er een beroepsopleiding van maken. Ik begon met tekenen en schilderen, maar kon dat niet voortzetten in verband met mijn werk. De ,school’ ontwikkelde zich steeds verder en de groepen beidden zich uit.  Na een onderbreking kwam ik na enkele jaren terug, maar toen was er geen plaats meer in de schildersgroep. Ik mocht tijdelijk wel meedoen in de pas opgerichte beeldhouwgroep. Dit sprak mij zo aan dat ik het ben blijven doen. 

Als enige bevoegd

Na twee jaar deed ik met succes examen en mocht toen ook lesgeven. Niemand had verder onderwijsbevoegdheid en aangezien ik was opgeleid tot militair docent was ik bevoegd om les te geven. In die tijd was ik actief in het opzetten van een leerplan waardoor er wat meer professionaliteit op de, school’ ontstond. De aanvankelijk bestuurders hadden het meteen al tot Vrije Academie gebombardeerd, maar dat vond ik nog te hoog gegrepen. Het aantal deelnemers nam in snel tempo toe van twee tot veertien groepen. Na bestuurlijke problemen heb ik nog een tijd het directeurschap op me genomen, als opvolger van Harry Kok, die het na vijf jaar genoeg vond. Nadat ik daarmee stopte had ik meer tijd om me op het beeldhouwen te storten. Het grotere werk deed ik in de academie, inmiddels Vrije Academie Nunspeet genaamd, de rest deed ik in mijn eigen atelier. Na twee moeilijke jaren door het overlijden van mijn vrouw en oudste dochter, waarin ik weinig heb gemaakt, pak ik nu rustig de draad weer op”. 

Geïnspireerd door de vrouw

Voor Kees Spapens staat de vrouw centraal in zijn werk. Vooral krachtige, maar ook verleidelijke vrouwen uit de mythologie en geschiedenis inspireren hem. Volgens Kees Spapens heeft het mede te maken met het feit dat hij is opgegroeid met vijf zussen. Ook kreeg hij vier dochters en een zoon. Maar met name de krachtige dames uit de geschiedenis dienden vaak als inspiratiebron voor zijn werken. Daarnaast werkte hij met thema’s portret, dans, relatie en mode. Veel heeft hij ook met modellen gewerkt. Zijn werk is over het algemeen figuratief en uitgevoerd in brons. Onlangs heeft hij enkele van zijn werken tentoongesteld in de Nunspeetse etalages in verband met de etalagewedstrijd. Met enige trots toont hij in zijn atelier de foto van het bronzen beeld van koningin Beatrix, die eerder in het gemeentehuis hing, maar nu een plaats heeft gekregen aan de muur van het Noord-Veluws Museum. Ook herinnert hij aan een ontmoeting met Prins Claus bij het onthullen van het bronzen beeld van Beatrix in het gemeentehuis van Staphorst, waar Claus met enige trots meldde, dat zijn vrouw ook boetseerde en altijd op dinsdag in haar atelier werkte”. Kees moet er nog om glimlachen. 

Terugkijkend spreekt Kees Spapens van een prachtige tijd en nog steeds is hij zolang het fysiek nog kan, geïnspireerd om door te gaan met het maken van prachtige (vrouwen)beelden. 

AG