Is een lager Ozb-tarief mogelijk?

0
1402

Afgelopen week is in de Tweede Kamer een amendement aangenomen dat inzet op de vrijheid die gemeenten krijgen om voor sportaccommodaties, dorpshuizen, andere sociaal belang behartigende instellingen zoals de lokale muziekvereniging of de scouting, en goede doelen, het veelal lagere tarief voor woningen te rekenen voor de onroerendezaakbelasting in plaats van het veelal hogere tarief voor niet-woningen.

Vanwege het maatschappelijke belang van deze verenigingen en stichtingen vonden de indieners waaronder Pieter Omtzigt en Chris Stoffer het wenselijk dat gemeenten niet verplicht zijn om het hoogste tarief te rekenen aan onroerende zaakbelasting. Zij vinden dat de gemeenten de ruimte moeten hebben om zelf de afweging te maken welk tarief zij voor sportverenigingen, dorpshuizen, andere sociaal belang behartigende instellingen en goede doelen passend achten. Gemeenten zijn daarbij vrij om aanvullende voorwaarden te stellen voor toepassing van het tarief voor woningen, zoals dat het moet gaan om sportaccommodaties van niet-commerciële sportclubs, of dat het moet gaan om algemeen nut beogende instellingen anders dan de gemeente zelf. 

Gemeenten kunnen kiezen welke categorieën van sociaal belang behartigende instellingen voor het lagere tarief in aanmerking komen, zoals sportverenigingen, muziekverenigingen en scouting, maar zij mogen geen onderscheid maken binnen deze categorieën, waardoor de ene sportvereniging een lager OZB-tarief krijgt dan de andere sportvereniging. De gemeente kan ook van de mogelijkheid gebruik maken als het dorps- of buurthuis is gevestigd in een multifunctioneel centrum of een multifunctionele accommodatie.

De CDA-fractie Nunspeet vindt dit een goede ontwikkeling en heeft het college gevraagd, na aanname van het belastingplan door de Eerste Kamer, in de geest van dit amendement in Nunspeet de huidige OZB-verordening aan te passen.