De Christelijke Gereformeerde Kerk in Doornspijk

0
180

DOORNSPIJK – Het ontstaan van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Doornspijk is wat moeilijk te achterhalen. Een historisch overzicht ontbreekt omdat in het archief van de kerk pas notulen van een kerkenraadsvergadering zijn te vinden van 5 maart 1964. Er mag niet worden aangenomen dat er voor die tijd niet is vergaderd, maar blijkbaar werden er nog geen notulen bijgehouden. Uit de oudste notulen blijkt dat een achttal Doornspijkers ter kerke gingen in Elburg en manslidmaten werden genoemd van de Christelijke Gereformeerde  Kerk aldaar. Elburg was dus de ,moeder’gemeente. Deze kerk was reeds in 1897 geïnstitueerd. Hoewel klein in aantal hadden de broeders toch te kennen gegeven om in Doornspijk een zelfstandige gemeente te willen vormen. Na onderzoek door ds. B. Oosthoek, namens de classis Zwolle en zijn uitgebracht rapport is blijkbaar positief besloten een eigen gemeente te vormen. In het jaarboek van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Nederland uit 1934 wordt een ledental gemeld van de reeds in 1933 geïnstitueerde kerk in Doornspijk van 44. Aangenomen mag dus worden dat de Christelijke Gereformeerde Kerk in Doornspijk in 1933 is ontstaan. Aanvankelijk kon slechts één lid bereid worden gevonden uit eigen kring om ouderling te worden, broeder H. Polinder. En aangezien in eerste instantie geen andere ambtsdragers werden gevonden in de kleine kring, nam ds. Oosthoek vanuit Kampen twee ouderlingen en een diaken mee. Met de groei van de gemeente werden al vrij spoedig meerdere ambtsdragers bevestigd en kreeg de kerk een volwaardige kerkenraad onder leiding van ds. Oosthoek.  Ds. Oosthoek overleed echter na een kort ziekbed al op 38-jarige leeftijd.

Op 22 juli 1933 vond dus de instituering van de Christelijk gereformeerde Kerk plaats en werd het kerkgebouw aan de Rodelandsweg 1 in Doornspijk  in gebruik genomen. In 1939 is het ledental gegroeid tot 60 en in 1956 bedroeg het ledental inmiddels 125. Het was in die jaren gebruikelijk dat de kerkleden hun eigen gereserveerde plaats hadden en kort voor aanvang van de dienst werden middels het branden van een lampje de plaatsen vrijgegeven. Zo is dan ook in de oude stukken te lezen dat na enkele vrijgekomen plaatsen ,,de kerkenraad op 5 juli 1971 besluit om het lot te werpen ter verdeling van een tweetal zitplaatsen’. Met de verdere groei van de gemeente ontstond behoefte aan meer ruimte. De kerkbezoekers kwamen niet meer alleen uit Doornspijk, maar ook uit omliggende gemeenten. In 1971 werd besloten tot uitbreiding van het kerkgebouw. Na de realisering van de uitbouw vindt in 1972 de verdeling plaats van de zitplaatsen in het vergrote kerkgebouw ,,Alles komt tenslotte redelijk tot zijn recht, maar er zijn er natuurlijk ook die met een onvoldaan gevoel naar huis keren”, aldus het jubileumboekje dat in 1983 bij het 50 jarig bestaan is uitgegeven. Niet iedereen was blijkbaar tevreden met de toegewezen plaats. Het toewijzen van de zitplaatsen is inmiddels ook geschiedenis geworden. Met de uitbreiding werd ook besloten om een nieuwe kansel te plaatsen en een betere geluidsinstallatie aan te leggen. Men ging met de tijd mee en de dominee kreeg een mee te dragen microfoon. 

Nadat in de kerkdiensten door diverse predikanten van elders werd voorgegaan werd  in 1963 ds. Van Doorn bevestigd en betrok de pastorie aan de Veldweg. Hij overleed in 1973 en werd in een bijzondere dienst herdacht door ds. J.H.Velema. In 1976 werd met succes (voor de tweede keer) een beroep gedaan op ds. Van Zonneveld, die in 1977 zijn intrede deed. De ruimte van de uitgebreide kerkzaal werd al weer te klein en dus ontstond opnieuw een probleem met de zitplaatsenverdeling. Op 7 oktober 1977 neemt de kerkenraad het principe besluit om een nieuwe kerkzaal te bouwen achter het bestaande kerkgebouw en de bestaande kerkzaal te gebruiken als verenigingszaal. Het was dan ook een feest voor de gemeente toen br.H. Polinder de eerste steen legde voor de nieuwe kerkzaal dat op 10 juni 1981 in gebruik werd genomen. Het gebouw kreeg de naam Rehobothkerk. Na ds. Van Zonneveld volgden de predikanten Van Dijk, Slagboom en Bouw elkaar op en is ds. Aarnoudse de huidige predikant. De groei van de gemeente ging gestaag door en telt inmiddels 340 leden. 

Inmiddels heeft ook dit kerkgebouw uit 1981 al weer een grondige renovatie ondergaan. De tot dan toe hoofzakelijk bruin gekleurde kerkzaal is veranderd in een licht en fris uitziende kerkzaal. Scriba de Haan: ,,Er is flink wat werk verzet. Door de renovatie is de akoestiek in de kerk verbeterd doordat de oude plafondplaten zijn vervangen door nieuwe gipsplaten. Daardoor wordt het geluid op een prettige manier gedempt. Ook de vloer is aangepakt. De grindvloer maakte plaats voor plavuizen en er is vloerverwarming aangebracht. Achter het orgel kwam zonwerende beglazing en er kwamen vier koperen kroonluchters in de kerkzaal. Ook de preekstoel kreeg nieuwe betimmering en is bijna niet meer te herkennen”. Toch zijn er volgens koster Pap wel degelijk oude onderdelen in de preekstoel verwerkt. De in hoofdzaak wit geschilderde kerkzaal brengt voor hem een probleempje mee ,,ik zie nu gauwer de spinnenwebben zitten…..dan weten we wat we de volgende dag te doen hebben”.  De renovatie is uitgevoerd door zo’n 1700 uur vrijwilligerswerk, aldus de bouwcommissie. ,,Dat scheelt heel wat in de kosten en ging allemaal in goede harmonie”.  De restauratie heeft ongeveer € 100.000,- gekost. Tijdens de restauratie werden de diensten gehouden in de Gereformeerde Kerk in Doornspijk. De huidige kerkzaal heeft een capaciteit van 250 zitplaatsen. 

Coronatijd

De kerkenraad van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Doornspijk wil ook in haar kerkdiensten rekening houden met de maatregelen door de overheid gesteld. Er worden per dienst ongeveer dertig bezoekers toegelaten zodat men voldoende ruimte heeft om de afstand tot elkaar te bewaren. Om toch tijdens de dienst te kunnen zingen is het zo geregeld, dat alleen de bezoekers op de voorste rij zingen. Koster Pap: ,,Dat vraagt wel wat aanpassing, niet iedereen gaat direct vooraan zitten, maar met wat ,sturing’ lukt het om de voorste rij te vullen. Zo kan er toch gezongen worden in de dienst. Dat blijft toch ook een belangrijk onderdeel van een kerkdienst”. 

Orgel

Na eerst gebruik te hebben gemaakt van een elektronisch orgel is ook een volwaardig kerkorgel geplaatst. Het instrument werd in 1879 gemaakt voor de Sint-Jacobskerk in Utrecht door orgelbouwer J.F.Witte, die met zijn vader C.G.F.Witte de firma J.Bätz&Co voortzette. Na een restauratie door Sicco Steendam uit Roodeschool kwam het orgel onder advies van Peter Eilander naar Doornspijk.

AG

Dit artikel is het eerst gepubliceerd in de Veluwse Courant als onderdeel van de rubriek: Uit de kerk geklapt. Zie voor meer kerken in het verspreidingsgebied van de krant: Uit de kerk geklapt.