24 uur met dierenliefhebber Karen Bruursema

0
54
Karen Bruursema

We komen mensen zoals de wijkagent, dominee, verloskundige of huisarts vaak maar korte tijd in ons leven tegen. In deze serie willen we niet alleen een aantal beroepen belichten, maar ook de mens achter het beroep. Meedoen? Stuur een mail naar info@nunspeet.nu

‘het stoppen van lijden is het eerlijkste wat je kunt doen’

NUNSPEET – Dieren die in het verkeer gewond zijn geraakt uit hun lijden verlossen is bepaald geen alledaagse bezigheid. Voor Karen Bruursema was het twee jaar geleden een wens die uitkwam toen ze werd benaderd door de coördinator van het Groennetwerk voor het noord Veluwse valwildteam met de vraag of ze dit vrijwilligerswerk op zich wilde nemen.

Karen: ,,Ik ben geboren en getogen in de bossen van de Veluwe ik woon in dit gebied en vind het onwijs mooi om dit werk te mogen doen. Wij hebben allemaal de verplichte opleidingen gevolgd en beschikken over de nodige middelen. Tevens beschikken we over specifieke machtigingen en ontheffingen. Daarnaast ben ik werkzaam als paraveterinair en de veterinaire kennis die ik daardoor heb, kan ik ook goed gebruiken.’’ 

De diensten die Karen draait bij het valwildteam zijn één keer in de zes weken en duren een volle week, 24 uur per dag. ,,Normaal gesproken sta ik rond zeven uur op, ik heb honden thuis en die willen dan graag naar buiten, maar als ik dienst heb hangt het van mijn pieper af en is het verder die week een grote chaos.

Kan ik wel of niet op tijd eten, wanneer kan ik het beste even de boodschappen halen, visite stellen we even uit, geen externe afspraken en ik blijf in mijn gebied die week. Als m’n pieper af gaat is dat nooit het leukste moment, maar als het vlak voor het avondeten gebeurt, laat ik alles liggen en bel ik direct de meldkamer.’’

Via de meldkamer krijgt ze dan te horen dat er in haar gebied wild is aangereden en meteen als ze in de auto zit, belt ze met een apart nummer waar ze alle informatie krijgt evenals het nummer van degene die de politie gebeld heeft. ,,Ik wil weten waar precies de aanrijding heeft plaatsgevonden en of het dier nog leeft of dat het is weggelopen, wat voor dier het is en hoe groot het is.

Mensen weten vaak niet precies wat ze hebben aangereden en denken dat ze een zwijntje hebben geraakt. Als ik dan ter plekke een mega groot zwijn zie liggen heb ik er spijt van dat ik niet extra mankracht heb meegenomen.’’

 

Ter plekke aangekomen kijkt Karen eerst hoe het met de verkeersveiligheid is gesteld, de zwaailamp op het dak en de knipperlichten gaan aan, net als de fluorescerende jas en ze informeert naar de mensen die de melding hebben gedaan. ,,Maar mijn aandacht gaat al snel naar het dier, want daar kom ik voor.

Als ze zeggen dat het dood is, leeft het soms toch nog. Ik blijf op een afstandje observeren, het zijn tenslotte wilde dieren en ze hebben al stress genoeg. Als het donker is houd ik een goede lamp erbij en als ik dan zie dat de poten gebroken zijn of de kop of buik kapot is, dan houdt het op en dan met je het dier uit zijn lijden verlossen. En ook dan moet je rekening houden met de veiligheid. Als het dier in de zachte berm of bos ligt, kan ik het veilig schieten. Je moet alleen wel met veel aspecten rekening houden; met het verkeer wat langsrijdt, wandel- en fietspaden achterlangs en met de hulpverleners of nieuwsgierige mensen die je in de gaten moet houden, al je zintuigen staan op scherp.

Wij doen dit werk met teams over de hele Veluwe heen, maar we zijn allemaal solitair aan het werk. Als het echt een groot dier is neem ik mijn echtgenoot of iemand anders mee om te helpen sjouwen, maar ik ben en blijf er verantwoordelijk voor. Ik vind het heel mooi om dit werk te doen, veel mensen weten niet dat dit gaande is. Als je de aangereden dieren zou laten liggen, levert dat nog meer gevaarlijke situaties op als automobilisten er naar kijken of moeten uitwijken. Bovendien gaan de aaseters er dan op af en dan worden die weer aangereden.’’

Mijn collega’s en ik zijn altijd binnen een half uur ter plekke om te zorgen dat de weg weer vrij is en het dode dier geborgen wordt, natuurlijk zorgen we er ook voor dat het gevluchte gewonde dier wordt opgespoord, lukt het ons zelf niet, dan door een gespecialiseerd team met een gekwalificeerde zweethond. Die volgt het spoor van het gewonde dier dat stress geurstoffen afgeeft en bloed. De meeste van mijn collega’s zijn, ‘groene BOA’s’, die dit vrijwilligerswerk naast hun werk doen. Ik mag van mijn baas dit werk ook onder werktijd doen en dat is fantastisch.’’ 

Karen werkt als paraveterinair bij de dierenkliniek aan de Laan in Nunspeet. In de week dat ze dienst heeft, kan ze zelf haar werktijd indelen. ,,Er moeten wel twee assistentes zijn, want het kan zo maar zijn dat ik opeens weg moet. Ik zorg wel dat ik niet in de operatiekamer sta, maar achter de balie, zodat ik snel weg kan. Mijn zwarte werkbroek en mijn bergschoenen onder mijn witte jasje, dus ik ben voorbereid. Mijn topbaas Wouter vindt het hartstikke leuk dat ik dit werk doe.’’

Karen Bruursema Nunspeet

Mede door haar werk als paraveterinair is Karen gelukkig nuchter, maar ook emotioneel sterk genoeg om keuzes te maken. ,,Lichtgewonde dieren zijn erg sterk en lopen soms weg. Dan zetten wij er een nazoekhond (zweethond) op, maar als die het dier na goed zoeken, niet meer vinden, dan redden ze het meestal wel.

Als ik een aangereden reegeit vind en haar kalfjes liggen van schrik in de berm, dan kunnen die naar de reeënopvang, maar een gewond wild zwijn kun je niet benaderen. Dat zijn levensgevaarlijke projectielen van gemiddeld 80 kilo en die kun je niet in een hokje stoppen, net als een edelhert, daar kun je ook niets mee ook al zou je nog zo graag willen.

Als ik zie dat een hert of een zwijn een gebroken poot heeft dan zeg ik ‘sorry, maar ik ga je uit je lijden verlossen’. Als ik het op afstand kan schieten is dat prettig, maar dat kan niet altijd.  Ligt het dier op het asfalt, in het water of nog onder een auto, dan is het veiliger wanneer ik het met een groot mes afsteek.

Je houdt zo’n dier vast, het is warm, kijkt je aan. Meestal leg ik een deken op zijn kop om het geluid en het licht te dempen. Dat went nooit, maar nazorg heb ik niet nodig want als ze geen dierwaardig leven meer hebben is het stoppen van het lijden het eerlijkste wat je kunt doen.’’ 

De spannendste momenten zijn ongeveer een kwartier nadat de zon is ondergegaan en gedurende de nacht. Karen pleit al jaren voor een snelheidsverlaging op de Veluwe tot 60 km per uur omdat volgens haar de dieren én de automobilist bij die snelheid nog kunnen anticiperen. Het zou volgens haar heel veel dierenlevens schelen.

Tenslotte geeft ze nog een welgemeend advies aan automobilisten die een dier de weg over zien schieten: ,,Blijf doorrijden, ga niet op je rem staan als je een auto achter je hebt, geef geen ruk aan je stuur anders zit je tegen een boom of een tegenligger aan, doe je ogen dicht en houdt je stuur recht. Denk aan je eigen veiligheid en ga niet slingeren aan je stuur.

Heb je een dier aangereden bel dan gelijk 0900 8844; ligt het gevaarlijk op de weg, bel dan 112. Wat is het voor moeite om de politie te bellen? Je krijgt geen straf of bekeuring! En markeer de plek waar het is gebeurd, bijvoorbeeld met een zakdoek, tasje of lintje aan een tak. Niets is frustrerender dan de plaats van aanrijding niet meer te kunnen vinden, zodat we ook geen nazoek kunnen opstarten. De dieren kunnen we dan niet meer vinden waardoor ze een vreselijke lijdensweg hebben. Ik zeg dit als spreekbuis namens veel collega’s die dit werk met een heel warm hart doen.”

Door Ank Herstel